Geloven in vrede

(Dit artikel werd gepubliceerd in de Vredeskrant van 2008)

Het thema van de Vredesweek Kiezen voor vrede lijkt aan te sluiten bij verschillende religieuze tradities. Toen Jezus geboren werd zongen de engelen al ‘vrede op aarde’ om zijn betekenis aan te duiden. De naam ‘Islam’ betekent dat de gelovige vrede vindt door God te dienen. Vrijheid en individuele verantwoordelijkheid staan in het Boeddhisme centraal.

Wie zich gaat verdiepen in een godsdienst en tracht uit te vinden hoe men over vrede denkt vindt prachtige beelden, theorieën en aansporingen. Niettemin weten we dat godsdienstige mensen geweld tegen medemensen gebruiken. Diepgelovige joden bouwen vreselijke muren door Palestijns gebied; diepgelovige moslims plegen zelfmoordaanslagen; diepgelovige hindoes in India nemen het leven van moslims; diepgelovige boeddhisten verzetten zich in Tibet; diepgelovige christenen zoals ds. Paisley in Noord-Ierland hebben een indrukwekkende gewelddadige staat van dienst, al predikt hij nu vrede. Kortom, geloof lijkt geen garantie voor vrede en het leven lijkt nogal eens anders dan de leer. Maar wat is die leer als het gaat over het thema ‘vrede’?

In het Jodendom vinden we schitterende visioenen van vrede, bijvoorbeeld in Jesaja 11 en Micha 4. Tegelijk verwoordt een midrasj, een rabbijnse uitleg, een paradox: ‘Ter wille van vrede trekt God ten strijde’. De Exodus naar het beloofde land kon niet zonder de strijd tegen de Farao. Het boek Jozua schildert God af als een God die de heilige oorlog tegen Kanaän predikt.

In het Christendom is vrede een groot ideaal, en zeker Jezus is en blijft op dit punt een geweldig voorbeeld met zijn oproep dat men de vijand lief moet hebben of de andere wang toe moet keren als men geslagen wordt. Maar de overheersende visie is altijd geweest dat een oorlog gerechtvaardigd is onder bepaalde voorwaarden en met beperking van middelen, die altijd ten doel hebben die vrede te herstellen. Een kleinere stroming zoals het Pacifisme ziet helemaal af van geweld; Quakers, Franciscanen en anderen zijn daarom bekend. Daarnaast zijn er stromingen die de heilige oorlog verdedigen.

Ten aanzien van de Islam kan geconcludeerd worden dat recent geweld door mensen die zich moslim noemen veel zaken overschaduwen. Bijvoorbeeld dat fundamentalisten niet persé gewelddadig zijn; bijvoorbeeld dat miljoenen moslims niets dan vrede zoeken; bijvoorbeeld dat jihad niet betekent ‘heilige oorlog’ maar een uiterste inspanning om een goede moslim te zijn. Het begrip kan ook betekenen dat men zich verdedigen mag als men aangevallen wordt. Spijtig is het dat moslims als Mohammed B. zelf bijdragen aan de verwarring door zo’n woord te gebruiken als rechtvaardiging van een ordinaire moord op van Gogh en gelukkig dat andere moslims zulke uitspraken en daden krachtig veroordelen. Er zijn echter blijvende vragen, ooit al door Kenneth Cragg -een bisschop met grote kennis van de Islam- verwoord die er op wijst dat in de Islam heerser en profeet, godsdienst en macht samenvielen en de profeet Mohammed opdracht gaf tot het gebruik van geweld.

Het Hindoeïsme heeft sterke papieren als het gaat om vrede omdat de eenheid zozeer wordt beleden: alle wezens zijn op een mysterieuze wijze met elkaar verbonden en maken deel uit van het grote geheel. In de kern zijn alle wezens van goddelijke oorsprong. Er is weliswaar een verschillend bewustzijnsniveau, maar het bewustzijn van de mens is dan toch dat de mens liefhebbend en mededogend is; een woord als zelfopoffering is de hindoe niet onbekend. De wereld is een leerschool voor spirituele groei en het welzijn van de ene mens hangt af van dat van de ander. Genoeg motieven om vrede te zoeken. De leer van het karma –dat wat men doet of nalaat- kan een goede basis zijn om vrede te bevorderen. Immers, wie haat zaait zal oorlog oogsten. Maar ook hier zijn er andere ontwikkelingen te melden, alleen al dat het erfelijk kastenstelsel vrede en gerechtigheid belemmert en onderlinge spanning vergroot.

Het Boeddhisme bevordert vrede door de klemtoon op vrijheid en individuele verantwoordelijkheid. Het maakt duidelijk dat de onderdrukker net zo smartelijk gebonden is aan het lijden door het uitoefenen van geweld als zijn slachtoffer; beiden zijn onvrij en hebben verlossing nodig. Het lijden is de eerste waarheid en de tweede is dat er oorzaken zijn die lijden tot gevolg hebben. Er is een weg om dat lijden te beëindigen en dan wordt gewezen op het achtvoudig pad van het juiste begrip, de juiste daden, waarneming enz. Vrijheid en vrede daagt door eigen inspanning. Desondanks faalt de boeddhistische gemeenschap in Sri Lanka vrede te brengen tussen Tamils en Sinhalezen; desondanks merken boeddhisten in Tibet nog niet al te veel van de boeddhistische gemeenschap elders.

Al die honderden miljoenen gelovigen wereldwijd worden ondanks hun geschiedenis en soms ondanks hun heilige boek opgeroepen vrede te zoeken voor elkaar en deze wereld. En daarbij van harte samen te werken. Gelukkig zijn er in dit land en wereldwijd veel interreligieuze bijeenkomsten waar men de handen daadwerkelijk ineen slaat. Godsdienstige mensen zullen bovendien de samenwerking moeten zoeken met alle mensen van goede wil. Elk godsdienstig mens behoort op zijn minst een goede humanist te zijn, zoals je al van Jezus in Mattheüs 25 kunt leren: Wie de vreemdeling niet helpt, of de hongerige of gevangene afwijst zal het koninkrijk van vrede niet binnengaan. Gelukkig zijn er veel tekenen van hoop, openheid en wederzijdse beïnvloeding: Kijk bijvoorbeeld naar de joodse schilder Chagall die het christelijke kruis in zijn werken niet schuwt.

Kiezen voor vrede begint bij jezelf en in de eigen woonplaats. Naast speciale kerkdiensten kan men interreligieuze vieringen organiseren; naast kerkelijke activiteiten kan men kiezen voor buurtwerk of politiek; voor een veelkleurige vereniging of aandacht voor asielzoekers. En tenslotte is ieders inzet nodig om sociale en economische structuren in deze wereld zo te veranderen dat oorlog minder vanzelfsprekend wordt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *